
De tennisarm
De tennisarm is één van de meest hardnekkige klachten, die wij fysiotherapeuten in onze praktijk tegen komen. Er zijn geen richtlijnen voor het behandelen van tennisarmen en de resultaten van de conventionele fysiotherapie bij deze aandoening is ronduit slecht te noemen.
Bij een tennisarm zijn er een aantal criteria aanwezig:
1.Duidelijke ontstaanswijze door overbelasting.
2.In rust wordt er geen of nauwelijks pijn ervaren.
3.Door bovenhandse belasting van de onderarm wordt de pijn opgeroepen.
4.Geen of nauwelijks geen bewegingsbeperkingen in de elleboog.
5.De pijn wordt lokaal aangegeven aan de buitenzijde van de elleboog.
6.Geen prikkelingen of tintelingen in hand of vingers.
Dhr. van der Ven de vroegere sportmasseur van voetbalclub PSV baarde de afgelopen 20 jaar opzien met zijn harde aanpak van tennisarm-klachten.
Daar ikzelf ook een fervente tennisser ben, hoorde ik vaak over mensen, die met hun armkwaal heil zochten bij v/d Ven. Na drie behandelingen waren ze van hun probleem verlost.
Inmiddels gefrustreerd door al die tennisarmen, die ik met mijn op de opleiding geleerde vaardigheden(Diepe Dwarse Fricties en ultra geluid) probeerde op te lossen, dacht ik vaak na over het hoe en waarom zo'n heftige behandeling kon helpen.
De verlossing kwam toen ik in een artikel in de Fysioscoop van 1992 een artikel las van professor Goldie, die een gedegen onderzoek naar tennisarmen had gedaan.
Het komt er in het kort op neer, dat er een kleine hoeveelheid vocht(oedeem) in één of meerdere van de strekpezen van de onderarm aanwezig is.
Bij omhoog heffen van de pols en vingers tegen weerstand verkorten de strekspieren van de onderarm door aanspanning en wordt er aan de pezen getrokken waardoor de druk binnen de pezen toeneemt en er pijn ervaren wordt. Hetzefde principe als wanneer je aan een elastiekje trekt dit langer en dunner zal worden en zodoende de druk van binnenuit groter wordt.
Dit onderzoek leidde tot een nieuwe operatietechniek volgens Goldie, waarbij in de lengterichting een klein sneetje in de pees wordt gemaakt en het oedeem voorzichtig wordt verwijderd.
Dit verklaarde voor mij alles.
In rust is een tennisarm in principe niet pijnlijk, waaruit je mag concluderen dat het met de omvang van het ontstekingsproces wel meevalt.
Als de druk in de pees de oorzaak is van de pijn dan lijkt het logisch, dat bij het scheuren of klieven van de pees de druk en dus ook de pijn verdwijnt.
Dus begon ik 1990 met de zeer intensieve frictietechniek om de zwelling in de pees er als het ware manueel uit te drukken (klieven). Na de eerste positieve resultaten werd ik steeds enthousiaster en inherent hieraan het aantal tennisarmen in mijn planning.
Het is inderdaad zo dat na één behandeling binnen twee weken een resultaat van ongeveer 80% behaald kan worden.
U zult begrijpen, dat de laatste 20% meer een kwestie van tijd is en alles met natuurlijk herstel van het beschadigde weefsel te maken heeft.
Als er hiernaast nog een botvliesirritatie van het buitenste bot van de elleboog aanwezig is zal deze ook wel qua pijnlijkheid afnemen omdat de gekliefde pees minder hard aan het botvlies zal trekken. Toch wordt dan aangeraden een PSB-bandage te dragen om de trekspanning op het botvlies zo gering mogelijk te houden.
Een gunstige bijkomendheid is dat de patiënt de arm gelijk moet gaan belasten. Ik adviseer dan een "stress"-balletje of sponsballetje, waar de patiënt de eerste twee dagen na de behandeling flink in moet gaan knijpen om zodoende de circulatie van de strekspieren van de onderarm te stimuleren.
Na die twee dagen moet de arm gewoon normaal belast worden, zoals dat voorheen bij alle activiteiten gedaan werd.
Ik heb in 19 jaar tijd inmiddels zo’n 4000 patiënten met tennisarmklachten behandeld uit heel Nederland en België met de intensieve methode en de resultaten zijn opzienbarend te noemen.
Jaap Vijfvinkel,
fysiotherapeut

